Koninklijke Balletschool Rose d'Ivry

I N F O
schoolhistoriek
dansjaar programma '11-'12
programma-keuze '11-'12
weekschema '11-'12
bijdragen
foto's
balletschool.rosedivry@skynet.be e-mail

Cliquer ici pour la version française

Welkom op de ‘website’ van de Koninklijke Balletschool Rose d’Ivry uit Oostende.

 

Met haar bijna 58 jaar ononderbroken ervaring en haar rijk palmares aan oud-leerlingen die een carrière hebben weten uit te bouwen in de professionele danswereld,hoeft de school geen verdere aanbeveling. De beschikking over een eigen up-to-date balletzaal laat de lesgevers,allen oud-leerlingen met extra-diploma,toe de lessen  ~~ voor ‘amateurs’ zowel als professionals-to-be ~~

in optimale condities te verzorgen. De centrale ligging en de vlotte bereikbaarheid van de dansstudio is een bijkomende troef.

(klik voor vergroot plan)

Het bezit van een zeer uitgebreid kostuum- en accessoires-atelier maakt bovendien de uitvoering mogelijk van uiterst gevarieerde programma’s van grotere envergure. De veelzijdige opleiding tot ‘theaterdans’ is dan ook het paradepaardje van deze school,waarmee sinds geruime tijd ook internationale successen worden geboekt.

 

De huidige directrice-choreografe Carla Rabau,dochter van stichtster en artieste Rose d’Ivry,is dan ook trots u via de volgende pagina’s kennis te laten maken met deze meest gereputeerde balletschool van de regio.

 

                                    (+ 2 FOTO’S: - front of the building  Nr. 1

(klik voor interieur van de studio)


 

Eind december 1949 verschijnt het persbericht dat Mej. Rose d’Ivry,eerste ballerina aan de Koninklijke Opera te Gent,op 2 december 1949 een dansstudio geopend heeft in Oostende. Minder dan een jaar later verzorgt de ondertussen flink uitgegroeide school reeds een eerste groot optreden in het Leopoldpark. Dat zal zich herhalen tot in 1955.

Na enkele omzwervingen heeft de balletschool ondertussen op 1 februari 1954 haar intrek genomen in het zopas heropgebouwde Oostendse Casino-Kursaal. Het zal haar vaste stek blijven tot 1995.

 

In 1955 wordt Rose d’Ivry assistente-lesgeefster aan de privé-balletschool van de gezusters Brabants in Antwerpen. Twee jaar later volgt ze als vastbenoemde ballet-docente Mevr. Jeanne Brabants,die de leiding op zich neemt van de balletschool van de Antwerpse Koninklijke Vlaamse Opera (nu het Koninklijk Ballet Antwerpen). Het zal de ideale opvang worden voor haar eigen leerlingen die een verdere professionele opleiding nastreven.

 

Haar eigen Oostendse balletschool laat ze inderdaad  niet los. Integendeel.

Vanaf 1964 tot 1969 worden,verspreid over de provincie West-Vlaanderen,verscheidene onderafdelingen opgericht: Koksijde-Veurne (1964),Brugge (1967),Nieuwpoort (1968) en Ieper (1969). De meeste van ze worden ook nu nog geleid door oud-leerlingen van de moederschool of reeds door hun eigen opgeleiden. Andere ex-leerlingen hebben later zelf het initiatief genomen om zich met een schare dansfanaten in andere gemeenten van het land te vestigen.

 

Gedurende al die jaren en ook de daaropvolgende rijgen de optredens zich praktisch onafgebroken aaneen: volwaardige ‘recitals’ in de Oostendse Kursaal,jaarlijks terugkerende ballet-intermezzi in operettes en revues (in Ieper,Roeselare en Oostende),TV-optredens voor de toenmalige NIR en deelname aan de ‘Kattenstoet’ (Ieper),’Bloemenstoet’ (Blankenberge),’Vissersstoet’ en latere ‘Ommegang’ in Oostende. Grootse choreografische projecten zoals ‘Oostende 1900’ (1967),

‘Ensorama’ (1970) of ‘Onterfd Westland wil leven’ (Ieper,1973) en ‘De ark van Noah’ (Europalia,

1973) vormen toppers. In 1975 voldoende om een boek te wijden aan « 25 jaar balletschool

Rose d’Ivry ». (* terug te vinden in de Oostendse stadsbibliotheek)

 

 

copyright Rose d'Ivry

(klik voor lesgeefster Rose d'Ivry)

copyright Herman Defurne

(klik voor lesgeefster Carla Rabau)

 

Afgestudeerd als officieel gediplomeerde danspedagoge neemt Carla Rabau in 1984 de leiding van de school van haar moeder over. Van kindsbeen af vergroeid met de organisatie ervan en begiftigd met een uitgesproken choreografisch talent,besluit ze zich voortaan alleen nog te wijden aan de verdere uitbouw van de oorspronkelijke Oostendse vestiging,waarbij ze hoe langer hoe meer focust op ‘theaterdans’. Kleinere en grotere optredens blijven zich ook nu weer opvolgen,met nieuwe hoogte-punten zoals haar uitverkiezing tot assistente-choreografe van regisseur Marc Bogaerts bij de ‘Nationale Damiaanhulde’,met acteur Karel Deruwe in de hoofdrol (Heizel,1989),haar optreden met enkele leerlingen en revue-leden naast Michael Jackson (Oostende,1997) en in 1999 de stadsopdracht om Ensor’s ballet-pantomime ‘La Gamme d’Amour’  te herchoreograferen naar aanleiding van het Ensor-jaar,samenvallend met het50-jarig bestaan van de balletschool.

 

Naast de voortzetting van haar choreografische inbreng in operettes,revues en Ommegangen,onder de regie van haar eigenste vader,auteur en regisseur,en de creatie van eigen recitals,verwezenlijkt ze tijdens die laatste decennia van de twintigste eeuw ontelbare optredens,vaak in andere steden,op aanvraag van serviceclubs of sociale instellingen. Gala-avonden van grotere allure,zoals ‘Enfants du Monde’,’Rodania’ (met Conny Neefs),’de Greet Rouffaer-Stichting’ (met Jacky Lafon) of ‘Balkan-

aktie der Gemeenten’,wisselen af met modeshows en muzikale scène-optredens. Ook verscheidene acteurs en zangers vragen om assistentie om hun optreden meer kleur en schwung te geven. Die brede bekendheid in de showbizz-wereld zal zelfs de artiesten van ‘Cirque du Soleil’ naar de oefenlokalen van de balletschool lokken tijdens hun verblijf in Oostende.

 

En reeds dienen  zich nieuwe uitdagingen aan.

 


 

Wanneer ere-senator Didier Ramoudt in 1996 voorstelt om,onder het motto ‘Children for Children’,een uitwisselingsprogramma op te starten met een begaafde groep jonge dansers uit Sebastopol (Oekraïne),aarzelt de Oostendse balletschool geen ogenblik. Met een vijftigtal enthousiaste leerlingen,nieuwsgierige ouders en grootouders wordt in Frankfurt op het vliegtuig naar Simferopol gestapt,om van daaruit met de bus naar Sebastopol te reizen. Ondertussen trotseert een camionette volgestouwd met kostuums en scène-materiaal de ellenlange wachttijden aan de ex-Oostblokgrenzen. Amper veertien dagen na hun terugkeer is de choreografische jeugddansgroep ‘Kaleidoscoop’ voor de eerste maal op tegenbezoek in Oostende. Het wordt het begin van een nog steeds voortdurend uitwisselingsprogramma met herhaaldelijke gezamenlijke scène-optredens in beide landen.

 

Onder de loodzware hitte aan de Zwarte Zee en de onvoorspelbare zomer-winderigheid aan ons Noordzeestrand wedijveren beide groepen met elkaar en met andere dansgezelschappen. In tegenstelling tot vele anderen hoeft de Koninklijke Balletschool Rose d’Ivry niet eens een aanvraag tot deelname in te dienen;kwaliteit en stijlkeuze spreken blijkbaar voor zichzelf. Dat werd het duidelijkst toen het ‘Palace of Childhood and Youth’ uit Sebastopol enkele jaren terug speciaal zijn ‘Golden Fisch - festival’,met verscheidene groepen uit de omringende landen,naar de (Belgische) vakantiemaand juli verplaatste om er toch maar onze Oostendse jongeren te kunnen bij betrekken. In 2001 slaagt Carla Rabau er zelfs in ook nog de Engelse ‘Elsden Theaterdance-company’ warm te maken voor een bezoek en tegenbezoek,zodat op de Kursaal-scène drie nationaliteiten een gezamenlijk programma kunnen brengen. Voor haar is dans inderdaad een internationale taal geworden.

 

Van 5 tot en met 13 juli 2007 gingen 21 balletschoolleerlingen,samen met hun directrice en enkele begeleiders van de vzw ‘Rose d’Ivry Foundation’,met evenveel enthousiasme in op een eerste uitnodiging vanuit het ‘Cultureel Centrum van Molodechno’,festivalstad nabij Minsk,hoofdstad van Belarus (Wit-Rusland). Een Wit-Russische balletleidster-choreografe had op 19 augustus 2006 een optreden bijgewoond van de balletschool,samen met ‘Kaleidoscoop’ (voor de vierde maal te gast aan onze kust),in het Cultureel Centrum ‘DeBranding’ in Middelkerke en was zo onder de indruk dat ze onmiddellijk de cultuurdienst in haar thuisstad Molodechno aanspoorde om de Oostendse balletschool uit te nodigen. De culturele impact van deze (reeds 7-de) reis was zo groot dat nu reeds vaststaat dat ook deze nieuwe relatie in stand moeten worden gehouden.

(klik op de foto van Sebastopol)

(klik op de foto van Horsham Christ's Hospital)

(klik op de foto van Molodechno)

Deze internationale contacten vormen een ware verrijking. Niet alleen de choreografen leren van elkaar en verruimen hun repertoire,ook de jongeren zelf houden aan de nu al meer dan tien jaar lopende uitwisselingen hechte bindingen over: via internet worden heel wat vriendschappen in stand gehouden. Daarnaast is de toenemende instroom van leerlingen van Oekraïense en andere Oost-Europese origine aan de balletschool een niet mis te verstaan teken van geslaagde integratie.

 

         Voor meer details en foto’s: consulteer www.rosedivryfoundation.be

 

Haut de page

© 2008, Koninklijke Balletschool Rose d'Ivry - Oostende